Het mysterie Johannes Wardenier  

bron: StClair, www.dossierx.nl

De affaire Wardenier

De 22-jarige Johannes Wardenier is wekenlang voorpaginanieuws geweest.
Wardenier heeft een uitvinding gedaan die mensen en machines weer aan arbeid kan helpen," schreven sommige kranten.
"De werkloosheid zal halt houden". Zijn fabriek zou aan 13.000 mensen werk gaan bieden. Wereldwijd zakte de olieprijs.

2 november 1934
De 22 jarige Johannes Wardenier was voornemens om in Wolvega (NL) een brandstofloze motor te produceren die de geschiedenis zou veranderen. 6 Jaar was eraan gewerkt, architecten hadden al een schetsontwerp gemaakt voor een fabriek die 300 meter lang en 280 meter breed moest worden. De gemeente had op voorhand 60 hectare grond toegewezen en de burgemeester Maas en wethouder Muurling stonden geheel achter dit project.

Ingenieurs van de Ford fabriek uit Engeland hadden een bezoek gebracht en rijksingenieurs waren getuige geweest van een proef. Vooruitlopend op dit nieuws waren de grondprijzen in Wolvega gestegen en was zelfs de olieprijs in de wereld gedaald.

Om de demonstratie wereldkundig te maken zou een speciaal gemaakte bus uitgerust worden met deze wonderbaarlijke motor om vervolgens door Europa te toeren, zonder ook maar 1 keer brandstof in te nemen.
Niets stond deze eenvoudige jongen in de weg, wiens grootste prestatie tot dan toe was geweest om een inpakmachine te bouwen voor een lokale bakkerij waar hij werkzaam was.

Op 8 november 1934 werd Jo Wardenier bij burgemeester Maas geroepen. Hij werd in het gemeentehuis ter plekke krankzinnig verklaard en acuut opgenomen. Echter, de behandelende professor verklaarde hem na 4 dagen isoleercel "normaal" en stuurde Wardenier na 8 dagen weer naar huis.

Later in 1956 zou Wardenier het volgende zeggen over zijn opname; "In een auto van Philips en met mensen van Philips werd ik naar de kliniek gebracht."

Begin van het mysterie.

Op dat moment begint het mysterie dat tot op de dag van vandaag onopgelost is gebleven. Bij thuiskomst hoorde Wardenier dat zijn motor was verdwenen, volgens zijn ouders was de motor opgehaald door "enkele heren". De motor is nooit teruggevonden.

Lang zou hij niet van zijn vrijheid genieten, de oorlog brak uit en hij werd te werk gesteld in Duitsland.
Tijdens een bomaanval wist Jo Wardenier te ontsnappen en na enige omzwervingen sloot hij zich aan bij een verzetsgroep te Brussel.

Uiteindelijk werd hij door de Duitsers gepakt in Nijmegen (1943) met distributiekaarten, valse papieren en illegaal drukwerk.
Hij doorstond vreselijke martelingen in kamp Buchenwald en kamp Wesseling. Vlak voordat hij bezwijkt wordt hij door onbekenden uit het kamp gehaald en in 1944 overgebracht naar een hospitaal en later naar Eindhoven.
Na zijn genezing keert hij als vrij man naar zijn geboortestreek, de oorlog is dan bijna voorbij.

Later blijkt dat Frits Philips, Jo Wardenier uit het kamp heeft kunnen redden. (later zou een woordvoerster van Philips dit bevestigen) Frits Philips zou zich wel meer ingezet hebben voor Nederlanders in oorlogstijd. Diezelfde Philips die in 1934 al contact had gezocht met Jo Wardenier .

Na de oorlog is Jo Wardenier door Philips benaderd om voor hen verder te werken aan een motor. Jo Wardenier weigerde.

Jo Wardenier wenste niets meer met zijn motor van doen te hebben, hij zou alle gegevens die nog voor handen waren weggegooid hebben.
Zonder verder arbeid te verrichten leefde hij rustig en comfortabel verder, aan geld scheen hij geen gebrek te hebben.

Een mysterie tot in den dood.

Na een ziekenhuisopname overlijdt Jo Wardenier op 27 juli 1960 en wordt begraven in Kerkbuurt. Later onderzoek toont aan dat zijn lichaam daar niet ligt.
Volgens zijn familie is zijn lichaam bij het graf van zijn ouders geplaatst te Steenwijkerwold. Henk Vos, grafdelver te Steenwijkerwold zegt dat er buiten zijn ouders niemand is bijgeplaatst, ook het register van de gemeente vermeldt geen graf van Johannes Wardenier.